2026 wordt opnieuw een belangrijk jaar voor de energietransitie. Europese regelgeving wordt concreter, de vraag naar elektrificatie blijft stijgen en klanten verwachten meer advies rond slimme energieoplossingen. Dat merkt u als installateur niet alleen in uw planning, maar ook in uw verkoopgesprekken, offerte-aanpak en nazorg.
In dit artikel zetten we de belangrijkste veranderingen richting 2026 op een rij, specifiek voor de Belgische markt.
De vraag van klanten verschuift steeds meer van “Ik wil zonnepanelen” naar “Hoe maak ik mijn woning klaar voor de toekomst?" Daarbij gaat het minder om één toestel, en steeds vaker om een combinatie van:
Voor veel gezinnen en bedrijven wordt het belangrijker om opgewekte energie slim te gebruiken in plaats van alleen te injecteren. Dat maakt energiemanagement, monitoring en configuratie steeds vaker een vast onderdeel van uw advies.
Bron: EU rooftop solar context via BUILD UP (EPBD)
Europa stuurt duidelijk aan op méér zonne-energie op gebouwen. Dat vertaalt zich ook in België in een markt waar zonnepanelen vaker “standaard” worden bij nieuwbouw en grote renovaties, of minstens meteen meegenomen moeten worden in het ontwerp.
Belangrijk: de praktische uitwerking kan verschillen tussen Vlaanderen, Wallonië en Brussel, maar de richting ligt Europees vast. Voor installateurs betekent dit dat zonnepanelen nog vaker onderdeel worden van bredere trajecten, waarbij er sneller vragen komen rond:
Bron: BUILD UP: “EU mandates solar energy in buildings from 2026”
De laadpaalmarkt blijft groeien, maar in 2026 draait het steeds minder om “een laadpunt plaatsen” en steeds meer om de context eromheen:
Daarnaast geldt de Europese AFIR-verordening (Alternative Fuels Infrastructure Regulation). Die heeft impact op de uitrol en werking van laadinfrastructuur, met meer aandacht voor transparantie, data en gebruiksvriendelijkheid. Dat voelen installateurs vooral indirect via eisen van opdrachtgevers, operatoren en zakelijke klanten.
Bron: EV Belgium standpunt rond AFIR-implementatie in België
Warmtepompen blijven een kernproduct in België, zowel in renovatie als in nieuwbouw. Tegelijk wordt de Europese F-gassen regelgeving strenger en wordt de overstap naar koudemiddelen met lagere klimaatimpact verder versneld. Dat raakt installateurs in de praktijk op meerdere punten:
Kort gezegd: De technische uitvoering blijft belangrijk, maar correcte procedures en vakbekwaamheid worden nog zichtbaarder voor de klant én voor controle/regelgeving.
Bronnen:
In België verschilt ondersteuning sterk per gewest. Premies en voorwaarden kunnen wijzigen en hangen vaak af van:
Voor veel installateurs is dit hét moment waarop een offerte kan winnen of verliezen: klanten willen zekerheid, duidelijkheid en een realistische inschatting van hun investering. Daarom loont het om premies niet alleen “te noemen”, maar ze ook helder toe te lichten, zonder beloftes te maken die later tot discussies leiden.
Bronnen:
Ook in België groeit de aandacht voor netbelasting en piekverbruik. Klanten willen wel elektrificeren, maar zonder problemen met capaciteit, comfort of onverwachte kosten. Dat maakt slimme toepassingen steeds belangrijker, zoals:
Installateurs die hierin adviseren, winnen niet alleen sneller het vertrouwen, maar bouwen ook vaker langdurige klantrelaties op via service en optimalisatie.
Bron: EPBD context via BUILD UP (EU solar + slimme integratie)
2026 draait steeds minder om “een los product plaatsen” en steeds meer om het complete energiesysteem. De combinatie van Europese regels, elektrificatie en klantverwachtingen zorgt ervoor dat:
Met andere woorden: de installateur evolueert verder naar energiepartner.